Besnijdenis is een grove mensenrechtenschending

Besnijdenis is een mensenrechtenschending en is immoreel en een verwerpelijke onomkeerbare medische integriteitsingreep dat goed gepraat wordt als geloofscolportage.

Een op geloof ingegeven besnijdenistraditie is een kwalijke expressievorm van religie waarmee ouders hun kinderen voor eeuwig bestempelen zonder dat het kind daar toestemming voor kan geven.

Het is een grove mythe dat besnijdenis een botsing is van grondrechten (zelfbeschikking vs. godsdienst). Besnijdenis is een mensenrechtenschending en dient onmiddellijk verboden te worden. Het is een grote schande dat landelijke partijen zich er niet over willen uitlaten. De ASP wil dit al jaren aanpakken!

Max Waterman, penningmeester van de ASP plaatst hier een aantal misverstanden rond godsdienstvrijheid en mensenrechten op een rij.

  1. Het eerste misverstand is dat men de grondrechtelijke positie van ouders gelijkschakelt aan die van een (jong) kind. Alsof het twee volwassen burgers zijn met een meningsverschil. Nee, een kind kan zich op geen enkele wijze, zelfs niet fysiek, verzetten tegen de mogelijk ongenadige macht die ouders over kinderen kunnen hebben. Grondrechten definieer je primair vanuit het perspectief van de kwetsbaarste entiteit. Dat zijn (jonge) kinderen. Zonder enige twijfel. Niemand die zich bij wijze van spreken zou afvragen of een dictator wel genoeg vrijheid heeft om z’n volk te onderdrukken. Iedereen zou dan begrijpen dat je dan dat begrip vrijheid volledig uitholt. Dat is zoals gezegd omdat vrijheid en grondrechten hun betekenis ontlenen aan de intrinsieke bescherming die het biedt aan de kwetsbaarste entiteit.
  2. Het tweede misverstand is dat men doet alsof godsdienstvrijheid absoluut is. Godsdienstvrijheid is echter, getuige de passage “behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet” in onze Grondwet, beperkt tot datgene wat de wet toestaat.
    Hoewel de Grondwetsartikelen niet intrinsiek hiërarchisch zijn, ontstaat dit onderscheid wel degelijk als gevolg van deze passage. Een schending van de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam (Art. 11 GW) kan dus nooit een uitoefening van godsdienstvrijheid zijn.
  3. Het derde misverstand is dat deze aangelegenheid zich verder niet verhoudt tot andere grondrechten (van het kind). In werkelijkheid wordt naast de zelfbeschikking ook de godsdienstvrijheid van het kind geschonden. Wat als dat kind immers een godsdienst wil oprichten waarin het noodzakelijk is om niet besneden te zijn. Klinkt allemaal heel hypothetisch, maar duidelijk is dat dat een onmogelijkheid wordt als de ouders doorzetten met de ingreep. Daarnaast is het toestaan van besnijdenissen in religieuze context daar waar ik als atheïst veroordeeld zou worden voor zware kindermishandeling ook nog eens een schending van Artikel 1 van de grondwet die gelijke behandeling van alle burgers vereist.

Elke niet medisch noodzakelijke ingreep op kinderen, zonder hun instemming, en helemaal indien permanent, onomkeerbaar, en op een leeftijd waarop ze zich daar niet tegen kunnen verzetten, is een grove mensenrechtenschending.

Bron: https://www.nporadio1.nl/podcasts-uitgelicht/30974-politiek-brandt-vingers-niet-aan-besnijdenissen 

%d bloggers liken dit: